A09 – LA BANDE DESSINÉE NUMÉRIQUE : UN SUPPORT DE PRODUCTION ORALE ET ÉCRITE POUR LES ÉLÈVES

|

Eugénie Blaise et Charlotte Roger – Alliance Française Utrecht – Pays-Bas
(FRANÇAIS)

La Bande dessinée est un support déjà connu et utilisé par les professeurs de français aux Pays-Bas. Nous proposons donc de faire découvrir les nouvelles perspectives et utilisations de la bande dessinée dans son format numérique : webtoons (différents sites en accès gratuit), strips Instagram (histoires avec de la musique, strips d’actualité contemporaine, @theinfinitedrawing), applications sur téléphone, BD interactive avec le lecteur, livres augmentés, etc. Pendant l’atelier, nous travaillerons en petits groupes pour didactiser des extraits de BD numériques avec les oeuvres présentées auparavant. Les professeurs repartiront avec un catalogue de sites et d’applications à exploiter en classe ainsi qu’un plan de cours réalisé pendant l’atelier.

En stock

Autres ateliers intéressants

  • C04 – EUROPESE CULTUUR IN DE KLAS VOOR JONGERE LEERLINGEN

    Charlotte Vellenga – AEDE Nederland – Nederland (NEDERLANDS)

    In dit atelier laat ik zien hoe op een voor leerlingen interessante manier Europese cultuur in de lessen Frans verwerkt kan worden. AEDE-nl heeft meegedaan aan het Projet Culturel Européen, waarin 10 Europese landen vertegenwoordigd waren.  Met de deelnemende landen hebben we gekeken wat leerlingen weten over de Europese unie, welke namen, monumenten of evenementen zij noemen. Ook hebben we onderzocht wat zij verstaan onder cultuur. Basisscholen van de verschillende landen hebben projecten met elkaar gedaan, bv over monumenten en belangrijke gebouwen, feestdagen, eetgewoontes. Er is materiaal ontwikkeld dat in de les gebruikt kan worden.  De deelnemers krijgen voorbeelden mee.

  • E14 – FRANSE LITERATUUR IN DE ONDERBOUW

    Lia Nijdam en Marja Rietveld – csg Bogerman, Sneek; Willem Lodewijk Gymnasium, Groningen – Nederland (NEDERLANDS)

    De nieuwe conceptkerndoelen voor de onderbouw bieden volop mogelijkheden om literatuur te behandelen in de onderbouw. Er is ruimte voor het lezen van fictie voor het onderdeel leesvaardigheid en literatuur biedt bij uitstek een rijk taalaanbod. Ook zou je het kunnen verbinden aan interculturele communicatie en taal- en cultuurbewustzijn. De praktijk is echter weerbarstig. Waar haal je interessante teksten met goede opdrachten vandaan en waar vind je er de (les)tijd voor? Het zou handig zijn om literaire bronnen te vervlechten met de lesstof. Maar hoe doe je dat? Welke literatuur is geschikt? Wat voor opdrachten kun je maken met fictieteksten? In deze workshop laten we een paar voorbeelden zien van literatuur in de onderbouw (klas 3).