E14 – FRANSE LITERATUUR IN DE ONDERBOUW

|

Lia Nijdam en Marja Rietveld – csg Bogerman, Sneek; Willem Lodewijk Gymnasium, Groningen – Nederland
(NEDERLANDS)

De nieuwe conceptkerndoelen voor de onderbouw bieden volop mogelijkheden om literatuur te behandelen in de onderbouw. Er is ruimte voor het lezen van fictie voor het onderdeel leesvaardigheid en literatuur biedt bij uitstek een rijk taalaanbod. Ook zou je het kunnen verbinden aan interculturele communicatie en taal- en cultuurbewustzijn. De praktijk is echter weerbarstig. Waar haal je interessante teksten met goede opdrachten vandaan en waar vind je er de (les)tijd voor? Het zou handig zijn om literaire bronnen te vervlechten met de lesstof. Maar hoe doe je dat? Welke literatuur is geschikt? Wat voor opdrachten kun je maken met fictieteksten? In deze workshop laten we een paar voorbeelden zien van literatuur in de onderbouw (klas 3).

Rupture de stock

Autres ateliers intéressants

  • D10 – CONSTRUIRE UNE COMPÉTENCE LEXICALE EN FLE

    Martine Dubois – EPHEC Éducation ; Haute École Francisco Ferrer, Bruxelles – Belgique (FRANÇAIS)

    Cet atelier mettra l’accent sur la compréhension et la construction du système lexical à travers une série d’activités qui aborderont les différentes relations morphologique, sémantique et surtout syntaxique de ce système. Nous expérimenterons également une activité ludique et interactive.

  • A14 – LE FRANÇAIS ATOUT DANS LA SALLE DE CLASSE !

    Janny Spreen – Project Frans; Zeven Linden College, Dedemsvaart – Nederland (NEDERLANDS)

    Kun je echt vanaf de eerste dag alleen maar Frans spreken met jouw leerlingen in de brugklas? En dit volhouden gedurende het hele jaar? En ook de jaren na de brugklas? Het antwoord daarop luidt volmondig: “Oui, bien sûr !” door gebruik te maken van de methodiek AIM. De Accelerative Integrated Methodology behelst dat de docent vanaf dag 1 inderdaad uitsluitend in het Frans communiceert met leerlingen, waarbij gebruik wordt gemaakt van gebaren om de te leren lesstof over te brengen, te laten begrijpen en om leerlingen voortdurend te laten spreken en schrijven. De taalproductie komt daardoor op een hoger peil en de leerlingen worden vaardiger dan voorheen als het om taalproductie gaat. Begrijpelijke vragen zijn: Wat is AIM eigenlijk? Waarom werkt het goed, is dit bewezen? Hoe maak ik me deze didactiek goed eigen als docent? Hoe werken leerlingen vervolgens met AIM? U maakt kennis met de principes en de achtergronden van deze activerende didactiek en ziet hoe het werkt in de klas. U gaat zelf AIM proberen, kunt het les-, toets- en docentmateriaal inzien, een kijkje nemen in de online leeromgeving én u krijgt materiaal mee om uit te proberen in de les.