Chambre simple – Nuitée de mercredi à jeudi

|

Autres ateliers intéressants

  • C09 – LES ATOUTS DU FRANÇAIS AVEC AIM EN CLASSE 2 ET 3 !

    Janny Spreen – Project Frans; Zeven Linden College, Dedemsvaart – Nederland (NEDERLANDS)

    In deze workshop wordt ingegaan op het inzetten van AIM (Accelerative Integrated Methodology) in leerjaar 2 en 3. In leerjaar 1 is met het verhaal Les trois petits cochons of met het verhaal Salut, mon ami! een stevige basis gelegd. Het zou logisch zijn om met AIM in leerjaar 2 deze basis uit te bouwen met het vervolgverhaal Comment y aller? of met Veux-tu danser? en in leerjaar 3 met Qui arrive ce soir?, maar veel docenten weten niet goed wat het inzetten van deze verhalen beoogt te bereiken in de onderbouwklassen. Deze workshop geeft op meerdere vragen een antwoord, zoals welke woordenschat en grammatica worden aangeboden. Maar ook vragen als: Hoe wordt het spreken en schrijven gecontinueerd en uitgebouwd naar onafhankelijker en creatiever spreken en schrijven? Welke rol spelen de gebaren als ondersteunend hulpmiddel? Wordt dit (enigszins) afgebouwd? Hoe wordt de opgebouwde woordenschat uit leerjaar 1 herhaald? Hoe kun je alle vaardigheden efficiënt toetsen? Welke andere werkvormen komen aan bod? Ook wordt aandacht besteed aan het uitbouwen van steeds meer zelfstandig (samen)werken van leerlingen aan bepaalde taaltaken. Tenslotte wordt ingegaan op enkele speelse lesideeën ter afwisseling binnen het lesprogramma of ter aanvulling daarop.

  • D02 – « MISE EN ŒUVRE DU SCHÉMA NARRATIF », UN ATELIER D’ÉCRITURE CRÉATIVE 1ère PARTIE

    Thomas Lavachery – Université de Lille 3 – France (FRANÇAIS)

    Après une courte introduction à la dramaturgie, illustrée d’exemples et de nombreuses images, les participants écriront un texte à contraintes narratives qui sera ensuite commenté collectivement. L’exercice, réalisé en binômes, consistera à inventer un départ d’histoire efficace, propre à susciter l’intérêt du lecteur tout en facilitant le travail des auteurs. L’atelier vise à faire écrire, à apporter quelques outils techniques et à développer la capacité d’autocritique, dont l’écrivain Jean Prévost disait qu’elle constitue « la moitié de l’invention ».