A13 – EEN KIJKJE IN DE CITO-KEUKEN

|

Youri Courtin en Eva Cornuijt – Cito – Nederland
(NEDERLANDS)

Hoe komt een centraal schriftelijk examen tot stand? Wie kiest de teksten? Wie maken er vragen bij? Hoeveel keer wordt er aan een examenvraag gesleuteld vooraleer deze in een examen verschijnt? Wie stelt de antwoorden in het correctievoorschrift op? En hoe zullen examenvorm en -inhoud mogelijk veranderen als gevolg van de vakvernieuwing? Tijdens dit atelier neemt u een kijkje in de Cito-keuken en krijgt u inzicht in de verschillende etappes in het huidige examenconstructieproces. Een toetsdeskundige van Cito laat u kennis maken met de werkwijze van examenmakers en benoemt de criteria die een rol spelen bij het kiezen en bewerken van examenmateriaal. Ook zult u een aantal concrete voorbeelden zien van de ontwikkeling van een examenvraag. Daarnaast passeert de vakvernieuwing de revue: op het moment van schrijven zijn de opdrachten voor de fase van beproeven aangeleverd. Dit materiaal verschilt op diverse punten sterk van het huidige centraal schriftelijk examen. Ten slotte kruipt u als deelnemer in de huid van een examenmaker en kunt u mogelijke bronnen ‘keuren’, waarna u zelf examenvragen bedenkt bij volgens u geschikt examenmateriaal.

En stock

Autres ateliers intéressants

  • E02 – « MISE EN ŒUVRE DU SCHÉMA NARRATIF », UN ATELIER D’ÉCRITURE CRÉATIVE 2ème PARTIE

    Thomas Lavachery – Université de Lille 3 – France (FRANÇAIS)

    Après une courte introduction à la dramaturgie, illustrée d’exemples d’images, les participants écriront un texte à contraintes narratives qui sera ensuite commenté collectivement. L’exercice, réalisé en binômes, consistera à inventer un départ d’histoire propre à susciter l’intérêt du lecteur tout en facilitant le travail des auteurs. L’atelier vise à apporter quelques outils techniques et à développer la capacité d’autocritique. Suite de série D, numéro D 02.

  • C04 – EUROPESE CULTUUR IN DE KLAS VOOR JONGERE LEERLINGEN

    Charlotte Vellenga – AEDE Nederland – Nederland (NEDERLANDS)

    In dit atelier laat ik zien hoe op een voor leerlingen interessante manier Europese cultuur in de lessen Frans verwerkt kan worden. AEDE-nl heeft meegedaan aan het Projet Culturel Européen, waarin 10 Europese landen vertegenwoordigd waren.  Met de deelnemende landen hebben we gekeken wat leerlingen weten over de Europese unie, welke namen, monumenten of evenementen zij noemen. Ook hebben we onderzocht wat zij verstaan onder cultuur. Basisscholen van de verschillende landen hebben projecten met elkaar gedaan, bv over monumenten en belangrijke gebouwen, feestdagen, eetgewoontes. Er is materiaal ontwikkeld dat in de les gebruikt kan worden.  De deelnemers krijgen voorbeelden mee.